**Introductie tot de Respiratoire Therapie en de Anatomie en Fysiologie van de Ademhaling

In deze les maken we kennis met de basis van de respiratoire therapie en duiken we in de anatomie en fysiologie van het ademhalingsstelsel. We leren hoe de longen werken, welke structuren betrokken zijn en hoe ademhaling plaatsvindt. Dit vormt de fundering voor het begrijpen van acute en chronische ademhalingsaandoeningen.

Learning Objectives

  • De student kan de rol van een respiratoire therapeut beschrijven.
  • De student kan de belangrijkste structuren van de bovenste en onderste luchtwegen identificeren.
  • De student kan de basisprincipes van de gasuitwisseling in de longen uitleggen.
  • De student kan de basisstappen van de ademhalingscyclus (in- en uitademing) beschrijven.

Text-to-Speech

Listen to the lesson content

Lesson Content

Introductie tot de Respiratoire Therapie

Een respiratoire therapeut (RT) is een gezondheidsprofessional die gespecialiseerd is in de zorg voor patiënten met ademhalingsproblemen. De RT werkt nauw samen met artsen en andere zorgverleners om diagnoses te stellen, behandelingen uit te voeren en patiënten te begeleiden. Denk hierbij aan behandelingen zoals het toedienen van medicatie, het plaatsen van beademingsapparatuur en het geven van ademhalingstherapie. De RT speelt een cruciale rol bij de zorg voor patiënten met aandoeningen zoals astma, COPD, longontsteking en ARDS. Voorbeeld: in een ziekenhuis observeert de RT de ademhaling van een patiënt met longontsteking en past de beademingsinstellingen aan om de patiënt te helpen ademhalen.

De Anatomie van het Ademhalingsstelsel

Het ademhalingsstelsel bestaat uit twee hoofdgroepen: de bovenste en onderste luchtwegen. De bovenste luchtwegen omvatten de neus, de mondholte, de keelholte (farynx) en de strottenhoofd (larynx). Deze structuren filteren, verwarmen en bevochtigen de ingeademde lucht. De onderste luchtwegen omvatten de luchtpijp (trachea), de bronchiën (hoofd- en segmentale) en de longen. De longen zelf bevatten bronchiolen en de alveoli (longblaasjes), waar de gasuitwisseling plaatsvindt. Denk aan de trachea als de hoofdweg en de bronchiën als de wegen die naar verschillende delen van de longen leiden. Voorbeeld: een splinter in de keelholte kan irritatie veroorzaken en hoesten uitlokken.

De Fysiologie van de Ademhaling: Gasuitwisseling

De primaire functie van het ademhalingsstelsel is de gasuitwisseling: het opnemen van zuurstof (O2) en het afgeven van koolstofdioxide (CO2). Dit gebeurt in de alveoli. Zuurstof uit de ingeademde lucht diffundeert naar het bloed in de haarvaten rond de alveoli, terwijl koolstofdioxide uit het bloed in de alveoli diffundeert en wordt uitgeademd. Dit proces wordt aangedreven door concentratieverschillen. Voorbeeld: bij COPD is de gasuitwisseling bemoeilijkt, wat leidt tot een lagere zuurstofgehalte in het bloed.

De Ademhalingscyclus: In- en Uitademing

De ademhalingscyclus bestaat uit twee fasen: inspiratie (inademen) en expiratie (uitademen). Tijdens inspiratie trekken de ademhalingsspieren, vooral het middenrif en de externe intercostale spieren, samen, waardoor de borstkas uitzet en de longen zich vullen met lucht. Tijdens expiratie ontspannen deze spieren, waardoor de borstkas weer kleiner wordt en de lucht uit de longen wordt geperst. Bij inspanning kunnen extra spieren worden ingezet om de ademhaling te versterken. Voorbeeld: het diep inademen bij een duik in het zwembad.

Voortgang
0%