**Eerste Hulp bij Wonden & Bloedingen

Deze les behandelt de basis van eerste hulp bij wonden en bloedingen. Je leert hoe je verschillende soorten wonden herkent, hoe je bloedingen stopt en wat je moet doen in noodgevallen om de patiënt zo goed mogelijk te verzorgen.

Learning Objectives

  • Identificeer de verschillende soorten wonden en bloedingen.
  • Beschrijf de stappen voor het stoppen van bloedingen.
  • Leg uit hoe je wonden schoonmaakt en verbindt.
  • Ken de noodzakelijke acties bij verschillende soorten wonden en bloedingen.

Text-to-Speech

Listen to the lesson content

Lesson Content

Soorten Wonden

Er zijn verschillende soorten wonden, elk met hun eigen kenmerken. Kennis van de wondsoort is essentieel voor de juiste behandeling.

  • Schaafwonden (Schrammen): Oppervlakkige wonden veroorzaakt door wrijving. Denk aan een val op de knie. Deze bloeden meestal weinig, maar kunnen pijnlijk zijn.
  • Snijwonden (Sneden): Veroorzaakt door scherpe voorwerpen, zoals een mes of glas. Ze kunnen diep zijn en veel bloeden.
  • Scheurwonden (Scheuren): De huid wordt gescheurd, vaak door een trauma. Ze kunnen onregelmatige randen hebben en veel bloeden.
  • Steekwonden (Steekwonden): Veroorzaakt door een puntig voorwerp, zoals een naald of spijker. Ze kunnen diep zijn, maar de externe bloeding is soms klein, terwijl inwendige schade ernstig kan zijn.
  • Brandwonden (Brandwonden): Veroorzaakt door hitte, chemicaliën of elektriciteit. Worden beoordeeld op graad (1e, 2e, 3e graads).

Het Stoppen van Bloedingen

Het stoppen van bloedingen is cruciaal. Volg deze stappen:

  1. Veiligheid: Draag handschoenen om jezelf te beschermen tegen bloedcontact.
  2. Druk uitoefenen: Druk direct op de wond met een schoon verband of doek. Gebruik je handpalm of vingers.
  3. Verhoogde positie: Til, indien mogelijk, het gewonde lichaamsdeel boven het hart. Dit helpt de bloeding te verminderen.
  4. Aanhoudende druk: Houd de druk continu aan. Controleer of de bloeding stopt. Laat de druk niet los om te kijken of het gestopt is, tenzij je handschoenen wilt verschonen.
  5. Tourniquet (alleen in extreme gevallen): Een tourniquet mag alleen worden gebruikt in levensbedreigende situaties waarbij andere methoden niet werken, en uitsluitend door getrainde professionals. Dit stopt de bloedtoevoer volledig en kan schade veroorzaken als het te lang wordt gebruikt.

Voorbeeld: Stel je voor dat een cliënt zich snijdt in de vinger tijdens het koken. Leg direct druk op de wond met een schone doek en til de hand omhoog.

Het Verbinden van Wonden

Nadat de bloeding is gestopt, moet je de wond schoonmaken en verbinden.

  1. Reiniging: Spoel de wond voorzichtig af met schoon, lauw water. Gebruik geen zeep, tenzij absoluut noodzakelijk (bijv. bij aarde in de wond). Dep de wond droog met een schoon doekje.
  2. Verband aanbrengen: Leg een steriel verband op de wond. Gebruik voldoende verband om de wond volledig te bedekken.
  3. Fixeren: Fixeer het verband met tape of een zwachtel. Zorg ervoor dat het niet te strak zit (te strak betekent blauwe of koude vingers/tenen) en niet te los (waardoor het verband kan verschuiven).
  4. Controle: Controleer regelmatig of het verband schoon en droog is en of er geen tekenen van infectie zijn (roodheid, zwelling, pus, koorts).

Voorbeeld: Nadat je de vinger van de cliënt hebt schoongemaakt en de bloeding gestopt is, breng je een steriel gaasje aan en fixeert dit met pleister.

Wanneer Professionele Hulp Inschakelen

Niet alle wonden vereisen professionele hulp, maar in de volgende situaties is het essentieel om 112 te bellen:

  • Ernstige bloedingen: Bloed dat niet stopt ondanks directe druk.
  • Diepe wonden: Wonden die dieper zijn dan 1 cm.
  • Wonden met vreemde voorwerpen: Voorwerpen die in de wond vastzitten.
  • Steekwonden: In het bijzonder in de borst, buik of nek.
  • Brandwonden: Vooral bij grote of diepe brandwonden.
  • Symptomen van shock: Bleekheid, zwakte, snelle ademhaling, verlies van bewustzijn.
  • Twijfel: Als je twijfelt, bel altijd 112.
Voortgang
0%