**Basisbeademing en Luchtwegmanagement

Deze les bouwt voort op de vorige lessen en focust op de basisvaardigheden die cruciaal zijn in reanimatie en spoedeisende hulp: basisbeademing en luchtwegmanagement. We gaan dieper in op de correcte toepassing van de Automatische Externe Defibrillator (AED), een essentieel hulpmiddel in levensreddende situaties.

Learning Objectives

  • De student kan de stappen van de basisbeademing (BLS) correct uitvoeren, inclusief borstcompressies en beademingen.
  • De student kan de basisprincipes van luchtwegmanagement uitleggen en toepassen, zoals het openen van de luchtweg.
  • De student kan de correcte procedure voor het gebruik van een AED beschrijven en demonstreren.
  • De student kan de indicaties en contra-indicaties voor het gebruik van een AED identificeren.

Text-to-Speech

Listen to the lesson content

Lesson Content

Basisbeademing (BLS): Reanimatie

De basis van elke reanimatie is de Basis Life Support (BLS). Dit omvat het herkennen van een bewusteloze persoon, het controleren van de ademhaling, en het starten van borstcompressies en beademingen.

Stappen:
1. Veiligheid: Zorg ervoor dat de omgeving veilig is voor jou en de patiënt.
2. Bewustzijnscontrole: Schud voorzichtig aan de schouders en vraag: 'Gaat het?'
3. Ademhalingscontrole: Kijk, luister en voel naar de ademhaling (maximaal 10 seconden). Is er geen normale ademhaling, of alleen af en toe hijgen, start dan de reanimatie.
4. Bel 112: Laat iemand 112 bellen of bel zelf (als je alleen bent).
5. Borstcompressies: Plaats je handen op het midden van de borstkas (tussen de tepellijn). Druk 5-6 cm diep, met een frequentie van 100-120 compressies per minuut (gebruik het ritme van 'Staying Alive' als hulpmiddel).
6. Beademingen: Geef 2 beademingen na 30 borstcompressies. Gebruik een beademingsmasker of mond-op-mond beademing. Zorg ervoor dat de borstkas omhoog komt.
7. Herhaal: Ga door met de cyclus van 30 compressies en 2 beademingen totdat professionele hulp arriveert of de patiënt tekenen van leven vertoont (bijv. ademhaling).

Luchtwegmanagement

Een vrije luchtweg is essentieel voor effectieve beademing. In de basis is dit relatief simpel.

Basistechnieken:
1. Hoofd-Kintrek: Kantel het hoofd naar achteren en til de kin omhoog.
2. Kaaklift: Plaats je vingers onder de kaakhoeken en til de kaak omhoog. Dit is de voorkeursmethode als er verdenking is van een nekletsel.
3. Verwijder zichtbare obstructies: Kijk in de mond en verwijder eventuele obstructies (zoals voedsel of braaksel) met je vinger (gebruik handschoenen!).

Automatische Externe Defibrillator (AED): De Levensredder

Een AED is een apparaat dat elektrische schokken kan toedienen om het hartritme bij een hartstilstand te herstellen. Het is ontworpen om door niet-medici te worden gebruikt. De AED geeft gesproken instructies.

Stappen voor het gebruik van een AED:
1. Aanzetten: Zet de AED aan en volg de gesproken instructies.
2. Plak elektroden: Plak de elektroden op de ontblote borstkas van de patiënt. De afbeelding op de elektroden toont de juiste plaatsing (één electrode rechtsboven, één links onder de oksel).
3. Analyse: De AED analyseert het hartritme. Raak de patiënt niet aan tijdens de analyse!
4. Schok toedienen (indien nodig): Als de AED een schok adviseert, druk dan op de schokknop (indien aanwezig). Zorg er opnieuw voor dat niemand de patiënt aanraakt!
5. Reanimatie: Direct na de schok (of als er geen schok wordt geadviseerd) start of hervat de borstcompressies en beademingen (30:2).
6. Herhaal: De AED zal het hartritme periodiek analyseren en, indien nodig, schokken adviseren. Ga door met reanimeren totdat de professionele hulp arriveert.

Voortgang
0%