**Valpreventie & Eerste Hulp bij Vallen

Deze les behandelt valpreventie en eerste hulp bij vallen, twee cruciale aspecten voor thuiszorgmedewerkers. Je leert hoe je vallen kunt voorkomen en wat je moet doen als een cliënt toch valt.

Learning Objectives

  • Identificeer veelvoorkomende risicofactoren voor vallen in de thuisomgeving.
  • Pas effectieve valpreventiemaatregelen toe.
  • Demonstreer de juiste stappen voor eerste hulp na een val.
  • Leg de basisprincipes uit van het rapporteren van een valincident.

Text-to-Speech

Listen to the lesson content

Lesson Content

Risicofactoren voor Vallen

Valpartijen zijn een veelvoorkomend probleem bij ouderen en mensen met een beperking. Het is belangrijk om de risicofactoren te herkennen. Deze risicofactoren kunnen intern of extern zijn.

Interne risicofactoren zijn bijvoorbeeld:

  • Medicatie: Sommige medicijnen (bijvoorbeeld bloeddrukverlagers, slaapmiddelen) kunnen duizeligheid of slaperigheid veroorzaken.
  • Oogproblemen: Slecht zicht kan de kans op vallen vergroten. Denk aan staar of glaucoom.
  • Slechte mobiliteit: Zwakke spieren, evenwichtsproblemen, of stijve gewrichten bemoeilijken het lopen en verhogen het valrisico.
  • Cognitieve problemen: Dementie of verwardheid kunnen leiden tot onoplettendheid en een grotere kans op vallen.

Externe risicofactoren zijn:

  • Slechte verlichting: Onvoldoende licht in de woning maakt het moeilijker om obstakels te zien.
  • Slippery oppervlakken: Losse tapijten, gladde vloeren (bijvoorbeeld natte badkamertegels) zijn gevaarlijk.
  • Obstakels: Losse snoeren, drempels, en rommel kunnen struikelgevaar veroorzaken.
  • Gebrek aan hulpmiddelen: Het ontbreken van bijvoorbeeld een trapleuning of een wandelstok kan het vallen bevorderen.

Voorbeeld: Stel, je bezoekt een cliënt en ziet een losliggend kleedje in de woonkamer. Dit is een externe risicofactor. Je moet hier direct actie op ondernemen.

Valpreventiemaatregelen

Er zijn verschillende manieren om vallen te voorkomen. Dit is een essentiële taak van de thuiszorgmedewerker.

Veiligheid in huis:

  • Verlichting: Zorg voor goede verlichting in alle kamers, vooral in de nacht.
  • Vloeren: Verwijder losse tapijten of bevestig ze goed. Gebruik antislipvloeren in de badkamer.
  • Opruimen: Houd de woning opgeruimd en vrij van obstakels.
  • Hulpmiddelen: Zorg ervoor dat de cliënt de juiste hulpmiddelen heeft, zoals een rollator, wandelstok of beugel in de badkamer.
  • Meubels: Zet meubels zo neer dat ze gemakkelijk bereikbaar zijn en voldoende ruimte laten om te bewegen.

Cliëntgericht:

  • Medicatie: Vraag de cliënt naar zijn/haar medicijngebruik en of er bijwerkingen zijn die het evenwicht beïnvloeden. Controleer de medicijnlijst.
  • Beweging: Moedig de cliënt aan om regelmatig te bewegen en oefeningen te doen om de spierkracht en het evenwicht te verbeteren (indien mogelijk en in overleg met een arts of fysiotherapeut).
  • Schoeisel: Zorg ervoor dat de cliënt stevige schoenen draagt met een goede grip.
  • Regelmatige controles: Moedig de cliënt aan om zijn ogen en gehoor te laten controleren.

Eerste Hulp bij Vallen

Wanneer een cliënt valt, is snelle en juiste actie essentieel.

Stappen:

  1. Beoordeel de situatie:
    • Is de cliënt bij bewustzijn? Reageert hij/zij op vragen?
    • Is er sprake van bloedingen of ernstige pijn?
    • Zijn er tekenen van een botbreuk (vervorming, pijn bij aanraking)?
  2. Geef geruststelling: Praat kalm en stel de cliënt gerust. Blijf bij de cliënt tot hulp arriveert.
  3. Bel 112: Bel direct 112 als de cliënt:
    • Niet bij bewustzijn is.
    • Ernstige pijn heeft.
    • Tekenen heeft van een botbreuk.
    • Duizelig is of overgeeft.
    • Hoofdletsel heeft.
  4. Assisteer de cliënt (indien mogelijk):
    • Probeer de cliënt niet alleen overeind te helpen als je niet weet wat er aan de hand is. Indien mogelijk en met hulp van de cliënt, kunt u de cliënt in een comfortabele positie op de grond plaatsen. Bijvoorbeeld op zijn/haar zij met een kussen onder het hoofd.
    • Dek de cliënt eventueel toe met een deken om warm te blijven.
  5. Rapporteer het incident: Na de eerste hulp moet je het valincident direct rapporteren aan je leidinggevende, zoals besproken in de volgende sectie.

Rapporteren van een Valincident

Een goede rapportage is essentieel om de oorzaak van de val te achterhalen en verdere valpartijen te voorkomen.

Wat moet je rapporteren?

  • Datum en tijd van de val.
  • Plaats van de val (kamer, specifieke locatie).
  • Wat er gebeurd is (beschrijving van de gebeurtenis).
  • Wat de cliënt deed vlak voor de val.
  • Eventuele getuigen.
  • De toestand van de cliënt na de val (bewustzijn, pijn, letsel).
  • Verleende eerste hulp.
  • Eventuele risicofactoren die aanwezig waren.
  • Eventuele medicatie die de cliënt heeft ingenomen.

Gebruik een gestructureerd rapportageformulier (vaak aanwezig bij de zorgorganisatie) en wees zo specifiek en objectief mogelijk. Vul dit formulier direct na het incident in.

Voortgang
0%